Met de Rally van Haspengouw, zijn 180ste wedstrijd, is Frank Werner toe aan zijn 25ste jaar in de rallysport. In heel die periode navigeerde hij 39 verschillende piloten in 33 verschillende wagens. Een indrukwekkend lijstje. Een lijstje dat ongetwijfeld nog een vervolg krijgt. Tijd voor een gesprek met de sympathieke copiloot.

25 jaar is een lange periode. Weet je nog hoe het allemaal begon?

Met een vriend te vervangen. Hij was copiloot bij Johan Verhaeghe die toen met een BMW 320 reed. Via die vriend kende ik Johan ook al een tijdje. Toen hij voor een paar wedstrijden forfait moest geven, werd mij gevraagd of ik hem voor die wedstrijden wou vervangen. En zo belandde ik bij Johan Verhaeghe in de BMW 320. In onze eerste wedstrijd wonnen we meteen in onze klasse. Samen hebben we dan nog enkele wedstrijden afgewerkt, waaronder de Rally van Staden waar onze motor brak.

Het was oorspronkelijk niet de bedoeling dat ik nog met iemand anders ging rijden. Maar ik had ik de smaak te pakken en wat later ben ik op het aanbod van Stefaan Craeye ingegaan om bij hem in de ex-Panizzi Peugeot 106 te stappen. Vanaf toen was ik vertrokken. In 1996 reed ik reeds voor de eerste maal in het Belgisch kampioenschap.

VAS
RT2

In het Belgisch kampioenschap navigeer je reeds enkele jaren Tom Ceuppens in de M-Cup. Wat maakt de M-Cup zo aangenaam om doen?

Zoals je weet rijden we in de M-Cup met BMW’s, achterwiel aangedreven wagens. Met die BMW’s zitten we meteen in de hoogste klasse, M16, samen met de EVO’s en dergelijke. Tegenover die wagens maken we echter geen kans om iets te bewijzen.

Maar doordat we samengevoegd zijn in een cup, wordt het aantrekkelijker en ook competitiever. We strijden met gelijkaardige wagens. Daarnaast zit ook de sfeer met andere teams goed. Dat maakt het zeker aantrekkelijk om doen.

Je navigeert ook regelmatig Engelse piloten zoals Gavin Smith, Alex Taylor en James Dixon. Van waar deze toch wel ongewone keuze?

Mijn eerste wedstrijd die ik met een buitenlands piloot reed was met Henrik Munk Hansen. En eerlijk gezegd was dat beter meegevallen dan verwacht. Meteen had ik als copiloot een extra uitdaging gevonden.

Daarna ben ik via Geert Grooten met Alex Taylor in contact gekomen. In 2015 reden we het volledig FIRC Kampioenschap waar we ook meteen kampioen werden. In 2016 reed Alex geen wedstrijden in België en zo heb ik er enkele met Gavin Smith afgewerkt.  Wanneer je een 20-tal wedstrijden afwerkt en ook kampioen geworden bent, krijg je wel ergens een naam bij de Engelse piloten.

Vragen deze Engelse piloten een andere aanpak?  

Toch wel! Wat ik raar vind, is dat die mannen geen afstanden gebruiken. Wanneer wij als Belg de ene situatie gehad hebben, lezen we direct de eerstvolgende. Ook al is dit bijvoorbeeld een rechts of links 1. Bij die mannen wordt bijvoorbeeld een 100 a fond naar links 1 niet gelezen omdat deze heel goed zichtbaar is. Dat vroeg in het begin wat aanpassing omdat de eerstvolgende situatie bijvoorbeeld 2 of 300 meter kan zijn.

In mijn eerste wedstrijd met Henrik Munk Hansen, herinner ik me nog dat bepaald nota’s net omgekeerd werden. Het meest gebruikte systeem hier is dit volgens de klok. Hier bij ons is een R1 of L1 een bocht die a fond genomen kan worden. Bij hem was dit een 6. Dat was voor mij echt aanpassen in het begin omdat ik hier net het tegenovergestelde gewoon ben.

Ook in het Franse onverhard kampioenschap was je reeds actief. Wat daarvan is je het meeste bijgebleven?

Mijn eerste wedstrijd daar was aan de zijde van Dimitri Bruyneel, toen nog een beginnend piloot. Daar leer je echt wel rijden. De wedstrijden zijn er nog een stadium hoger. Er zijn geen verkenningen vooraf. De wedstrijd is op zaterdag en zondag.

Je vertrekt met de rallywagen, intercom op, voor bijvoorbeeld een ronde van 3 proeven. De eerste ronde wordt gereden enkel om nota’s te maken. Daarna keer je terug naar het servicepark en podium en dan start je dezelfde ronde maar dan tegen de chrono. Als copiloot speel je er dus een zeer grote rol.

Later reed ik er nog enkele wedstrijden met Stefaan Prinzie. Ook daar heb ik me heel goed geamuseerd.

39 verschillende piloten, 33 verschillende auto’s. Is er een piloot die je het meest bijblijft?

Wat piloten betreft kan ik niet direct iemand opnoemen want ik heb me bij ieder van hen geamuseerd. Wat me wel bijblijft zijn dingen zoals mijn eerste keer in de top tien in de Scheldevallei met Xavier Alliet. Of in Routes Du Nord waar ik met Bart Maes tweede algemeen werd in de Skoda Octavia WRC. Zo’n dingen blijven me vooral bij.

180 wedstrijden, daar maak je heel wat in mee. Wat is de meest hilarische in het rijtje?

2007, Rajd Barbórka met Marc Maertens, ongetwijfeld! We reden toen met een BMW E36, een wagen die heel goed ging. We trokken naar ginder met de gedachte we gaan die Polen eens een lesje leren daar.

Nu wat bleek, van de 100-tal deelnemers was er bij wijze spreken 80% Subaru’s en 20% EVO’s. Die mannen gingen met hetzelfde type wagen verkennen en in veel gevallen stond er nog eens een zelfde wagen voor reserveonderdelen.

Tot overmaat was het weer niet formidabel toen wat resulteerde in een vettige rally, niet ideaal voor onze BMW. Daar zijn we van een kale reis terug gekeerd…

Wat is tot nu toe het hoogtepunt uit je carrière?

Daarvoor ga ik terug naar 2012, met Stefaan Prinzie in de Rallye de Wallonie. We reden toen “als de beesten” met de BMW M3 E30. Het was ongelooflijk! We werden toen 18de algemeen en 2de in onze klasse.

Maar ik kan je verzekeren, het ging de ganse wedstrijd ongelooflijk hard!

 

Ongetwijfeld waren er ook tegenvallers?

Ja. Dat was zo in de wintercup in Zolder. Ik reed toen met Xavier Alliet in de BMW M3, een fantastische auto die van Belcar omgebouwd was om rally te rijden. Onze laatste wedstrijd dat seizoen was dus de wintercup in Zolder waar we VAS Kampioen konden worden.

Bij het ingaan van de vierde en laatste ronde stonden we 2de  algemeen na Patrick Snijers. We reden onze ronde en keerden terug naar de servicestand waar we tot onze verbazing niemand terug zagen. Natuurlijk begonnen we stilletjes aan te feesten want de titel was binnen.

Wat bleek nu, onze BMW produceerde daar 95.7 decibel, een getal dat ik trouwens nooit meer vergeet. Maximum mochten we maar 95 decibel halen. Dus werden we hierdoor gediskwalificeerd en zagen meteen zo ook onze VAS titel door onze vingers glippen…

Je hebt enorm veel ervaring. Wat is volgens jou, als copiloot, de sleutel tot succes?

Ik denk dat het vooral belangrijk is om in elke situatie kalm te blijven. In zeker zin straal je dit ook uit naar je piloot. Ook al zijn ze wat nerveus voor de start van een proef, in zekere zin voelen ze dit. Daarnaast moet je die rust de ganse wedstrijd proberen te bewaren, ook al gaat het eens mis…

Je reed in het Belgisch kampioenschap, VAS kampioenschap en enkele buitenlandse wedstrijden. Naar waar wat gaat jou voorkeur uit?

Een echte voorkeur heb ik niet. Overal waar ik start, rijd ik graag. Maar het systeem waarover ik vertelde dat ze in Frankrijk gebruiken, dat vind ik wel iets hebben. Dit maakt het voor een copiloot zeker uitdagend.

Heb je nog nooit de intentie gehad om zelf het stuur in handen te nemen?

Eerlijk… neen. Ik heb enorm veel respect voor een piloot. Wanneer hij voelt dat het misgaat en toch nog zijn wagen op de baan kan houden…dat is een gave. Ik voel van mezelf dat ik dat niet in mij heb. Ik hou me liever bezig met het lezen van de nota’s.

Welke ambities heb je nog in de toekomst?

Mijn droom of één daarvan is om eens in een R5 te kunnen meerijden.

Een andere is dat ik heel graag een wedstrijd zou rijden in Engeland, eentje als de RAC. Ik heb al in België, Frankrijk, Duitsland, Polen en Nederland gereden maar Engeland dat blijft mijn grote droom. In plaats van met Engelsen die in België komen rijden, zou ik graag eens met hen daar rijden. Vooral de snelle passages in de bossen, daar droom ik van. Dat moet ongelooflijk zijn!

Tot slot, hoe ziet je programma er dit jaar uit.

Ik heb 10 jaar samen gereden met Xavier Alliet en toen ik bij hem stopte, had ik me voorgenomen om me niet meer te binden met een vast team.

Ondertussen rij ik nu reeds vier jaar met Tom Ceuppens in de M-Cup. Tom is een goeie piloot en het klikt goed in en naast de wagen. Daarom ben ik blij om terug met zo’n team te kunnen samenwerken. Het geeft me terug voldoening als je als team samen iets moois kan opbouwen.

Dus dit jaar rij ik terug de negen manches van het Belgisch kampioenschap samen met Tom aangevuld met de Short Rally van Kasterlee, omdat dit voor Tom een thuisrally is en de Rally van Zuid-Limburg.

Daarnaast neem ik dit jaar terug deel aan het FIRC kampioenschap. Dit keer met de kampioen van vorig jaar, John Reddington, in de Ford Escort MKII. Het wordt terug een goed gevuld programma dit jaar.

Groot voordeel is dat er geen wedstrijden van het Belgisch kampioenschap en het FIRC samenvallen op de kalender zodat ik beide programma’s optimaal kan afwerken. Ja, ik heb er zin in!

 

RT1
KAMV
BRC
Ardeca Ypres Rally: Lefebvre en Loix als uitdagers
BRC
Ardeca Ypres Rally - Loix, Casier en Verstappen zijn er klaar voor!
BRC
Niels Reynvoet wint Sezoensrally na spannende finale
BRC
Startvolgorde Sezoensrally
BRC
BRC Masters - Jos Verstappen gaat voor winst in Sezoensrally
BRC
Sezoensrally - Eddy Buntinx start thuisrally als leider in de 2WD Trophy
BRC
Vincent Verschueren kijkt uit naar Sezoensrally
BRC
Sezoensrally - De Belgische top aan de start op de maaskiezel
47ste Sezoensrally - Padeltoernooi tussen enkele BRC-teams
BRC
Voorlopige deelnemerslijst 47ste Sezoensrally
X